Mantelzorgers

Mevrouw Speelberg, haar man heeft dementie:

"Ik zeg altijd dat dementie de vreselijkste ziekte is. Je kunt niet meer met hem praten. Dat ben je kwijt. Het spreken met mijn coach vind ik verrukkelijk. Met haar kan ik alles bespreken. Je hebt het ook nodig dat iemand je gelooft. Anderen maken vaak niet mee dat mijn man zo boos kan zijn en vreemd kan doen. Je vertelt weinig aan je omgeving en de gekke dingen vertel je al helemaal niet. Tegen haar vertel ik dat wel en zij gelooft me ook. Je merkt dat ze veel ervaring heeft. Ze komt ook op dingen terug. Dat is erg fijn. Mensen in mijn omgeving snoeren me vaak de mond. Ik krijg dan een opmerking als: ‘En hij was zo gezellig vorige week.’ Maar ja, hij houdt zich ook beter als anderen erbij zijn."

Mevrouw Niemeyer, haar schoonmoeder en buurvrouw hadden dementie:

Mevrouw Niemeyer weet wat het is om te zorgen voor iemand met dementie: "Zowel mijn buurvrouw als mijn schoonmoeder waren afhankelijk van mijn hulp. Ik vond het moeilijk om ze iedere keer weer alleen te laten, was bang dat het mis zou gaan. Mijn buurvrouw liet ook niemand anders in haar huis. Als ik op vakantie was, dan belde ze me heel vaak."

"Je merkt dat er nog veel onbekend is over dementie. Mensen in mijn omgeving vonden het moeilijk om er mee om te gaan. Voor mij was het lastig om met mijn man over zijn moeder te praten. Schaamte speelt daarbij ook een rol. Bijvoorbeeld omdat mijn schoonmoeder zichzelf begon te verwaarlozen. Het is dan goed als je met een deskundige buitenstaander kunt praten; je verdriet en zorgen kunt delen. Een coach, die de situatie kent, is dan prettig. Zo hoef je niet steeds van voor af aan te beginnen. Dementelcoach vind ik daarom een erg goed initiatief."

Doe hier de test
Zegt het voort